Britta aan Boord #8: Blijf.

maart 23, 2018

Zo lekker gewoon gebleven, toch Leo?

Compleet bezweet kom ik bovenop de berg aan. Het is vandaag de mooiste dag sinds ik hier ben, mijn jas hangt over mijn arm en de zon schijnt in mijn rug én ik ga naar een van de plekken waar ik het meest benieuwd naar ben. Toch heeft mijn hoofd overuren gedraaid op de weg hierheen. Ik ben een maand hier en vandaag is het voor het eerst dat ik écht bewust bezig ben met thuis. Tot vandaag had ik steeds het gevoel hier nooit meer weg te willen. Ik voel me ontzettend thuis in Berlijn. Maar hoe graag ik hier ook wil wonen, dat zal ook betekenen dat ik ver weg zal blijven bij mijn familie en vrienden. Ik had nooit verwacht dat ik dat moeilijk zou vinden. Mijn ouders hebben altijd geweten dat ik een leven in New York en een glansrijke carrière boven hen zou verkiezen. Nu valt dat me toch ineens zwaarder dan ik verwacht had.
Wende zingt nog één keer: 'Blijf' als ik de top van de berg bereik.

'Zoek mijn hand, als alles blauw en ongrijpbaar lijkt.
Geef je tranen als het gif van de angst door je lichaam snijdt.
Blijf.'

Ik loop langs het hek, van waarachter ik de top van de drie indrukwekkende bollen al kan zien. Teufelsberg. Ooit het afluister-station van de Amerikanen om erachter te komen wat er allemaal in Oost-Berlijn gebeurde, gebouwd van het puin van de Tweede Wereld oorlog wat bovenop de Nazi-universiteit verzameld werd. Later bedoeld als luxe-hotel, wat nooit gebouwd werd omdat het bedrijf failliet ging. Inmiddels een aardig vervallen plek die jaren leegstond en geen eigenaar had, waardoor het onderdak bood aan verschillende creatieve, vrije zielen.
Zodra ik het terrein op stap, voel ik een zekere rust. De zon schijnt langs de bollen in mijn gezicht. Naast een heleboel toeristen, spelen mensen tafeltennis of zitten ze met een biertje in de zon. Ik kan niet geloven dat het drie dagen geleden nog volop sneeuwde en het vandaag 'zonder jas in de zon zit'-weer is.

'Blijf bij mij als de winter door je ruggengraat.
Blijf bij mij als het vriezen door je botten kraakt.
Praat.'

Ik klim de eerste trap op, mijn benen trillen nog een beetje van de stijle heuvel hiernaartoe, en kom op de plek waar ik een half jaar geleden had moeten zijn. Beelden flitsen langs in mijn herinnering. Ik zie een stel jonge opstandelingen, hoopvol strijden voor wat zij belangrijk vinden, strijden voor hun recht. Het volk staat op tegen de machthebbers en vechten voor het recht om vrij te plassen. Ik zie spijkerstof, berenmutsen, zonnebrillen, dr. Marten Boots. Ik loop door de verlaten en vervallen ruimtes, langs een ooit gebruikt bed, langs muren met de prachtigste graffiti-art. In mijn herinnering zie ik een groep acteurs, hoopvol strijden voor wat zij belangrijk vinden, strijden voor hun recht, voor hun kunst. De cast staat op tegen de producenten en vechten voor het recht om vrij te plassen.

'Gingen je dromen anders dan je hoopte?
Anders dan verwacht?
Zit je opgesloten?
Open.'

Maar het mocht niet zo zijn. Zoals in de musical de wereld vergaat door droogte, verging onze Urinetown. Het is inmiddels al maanden geleden. En hoewel toen de wereld leek in te storten, heb ik nu alweer een nieuwe wereld opgebouwd. En ineens, terwijl ik er al maanden niet meer écht aan gedacht heb, zijn alle herinneringen zo levendig terug. Dit is dé plek waar deze voorstelling zou moeten spelen, waar wij de trailer op hadden moeten nemen.
Gek dat die productie toen mijn leven en daarmee ook het einde van mijn leven leek, terwijl ik er nu amper meer aan denk. Met de mensen die toen mijn nieuwe familie leken, heb ik nog maar zelden contact. Ik heb nu een nieuw leven en een nieuwe familie. Hoe alles toen oneindig leek en nu toch weer een nieuw begin gevonden heeft.

'Blijf bij mij tot de lente door je lichaam breekt.
Blijf bij mij tot de wind weer in je zeilen zweeft.
Leef.'

Ik sleep mezelf nog zo'n 30 trappen op, op elke verdieping stoppend en het steeds verder reikende uitzicht en de nieuwe graffiti-creaties in me opnemend. Adement. Totdat ik de top bereik. Een soort open dakterras waar ik omringd word door andere mensen, zonlicht, vervallen, maar kleurrijk beton. Op de achtergrond de skyline van Berlijn, versierd door de twee ontzettend vervallen maar op een manier toch sierlijke bollen. In een van de twee staat een badkuip. Ik wandel erdoorheen, maak foto's en eindig aan de rand van het dakterras, uitkijkend over Berlijn. Het lijkt alsof ik een ander leven heb dan een maand geleden. Ik kan me amper herinneren wat ik deed of hoe ik me voelde of wie ik was voordat ik hier kwam. Ik ben een andere Britt in Berlijn. Ik kijk uit over de stad die me zo lief is, met een prachtige blauwe lucht erboven, adem en voel mijn hart weer keihard kloppen.

'Laten we door muren gaan, telkens weer, tegen beter weten in misschien.
Laten we door vuren gaan, telkens weer, tegen beter weten in misschien.
Tegen weten in misschien.
Ik ben hier.
Ik ben hier.'

Al het gedoe van het afgelopen half jaar maakte dat ik extra veel zin had om in mijn eentje weg te gaan. Weg van alle falende audities, negatieve feedback, onbeantwoorde verwachtingen, prestatiedruk, faillietgaande producties, doodgebloede reddingspogingen, niet wederzijdse liefdes, geldproblemen, meelevende blikken, boosheid, angst, verdriet, onzekerheid en (zoals een lieve vriend zo fijn in een brief schreef, ja echt schreef) rommelige, Nederlandse bekrompenheid.
Toe aan tot mezelf komen en in mijn eentje de hele boel eens even goed te verwerken. Op mezelf te zijn, zoals ik dat vroeger altijd zo fijn vond. Maar ook in mijn eentje voor mezelf op te komen en niet altijd op andere mensen te vertrouwen. Eigen keuzes te maken, zelf verantwoordelijk te zijn voor die keuzes. Het avontuur aan te gaan in de stad waar ik zo enorm van houd.
En terwijl ik, na al die maanden, weer net zo hard mijn hartje in mijn borst voel kloppen, terwijl ik uit kijk over de mooiste stad van Europa, kan ik toch ook alleen maar denken: 'Ik wou dat er iemand bij me was om dit te zien. Om mij te zien. Hier. De nieuwe mij. Om te zien hoe ik er ben voor mezelf.'

'Zoek mijn hand als alles blauw en ongrijpbaar lijkt.
Zoek mijn hand als alles blauw en ongrijpbaar lijkt.
Blijf.
Blijf.'


You Might Also Like

0 reacties